Ik hou van lezen #37

In de zomervakantie heb ik veel gelezen, dus verwacht wat meer blogs over boeken de komende tijd!

Ice – Anna Kavan 
In deze dystopische roman wordt de wereld geteisterd door een nieuwe ijstijd. Het naamloze hoofdpersonage is geobsedeerd door een jonge vrouw en reist voor haar de hele wereld af terwijl het steeds kouder wordt. De man heeft last van nachtmerries en hallucinaties waardoor je soms niet meer wat nu echt gebeurd en wat niet. De schrijfstijl van dit boek is erg surrealistisch, het leest bijna als een ongrijpbare droom. Maar ik kwam daardoor niet goed in het verhaal en bleef er een soort boven ‘zweven,’ het voelde heel oppervlakkig. Ik kan wel tien redenen bedenken waarom dat goed past bij de symbolische betekenis van het ijs dat telkens terugkeert in de roman, maar het maakte voor mij het lezen niet zo bijzonder. Misschien heeft het er ook mee te maken dat ik gewoon niet zo’n fan ben van surrealistische schrijfstijlen.

Call Me Be Your Name – André Aciman
Ik was eigenlijk niet van plan het boek te gaan lezen omdat ik de film op zichzelf heel mooi vond, maar ik kwam de roman tegen in de bibliotheek en besloot het toch maar mee te nemen. De 17-jarige Elio verblijft met zijn familie in hun zomerhuis in Italië wanneer hij verliefd wordt op de oudere Amerikaanse student Oliver die zijn vader in de zomer komt helpen. Wat volgt is een achtbaan van een verhaal waarin elk aspect van Elio’s verwarring en intense gevoelens tot in detail beschreven wordt. De leeservaring is daarom vrij intens, je wordt helemaal meegezogen in Elio’s obsessie en verliefdheid. Ik vond het mooi om te lezen, maar het was toch iets te intens voor mij. Het is natuurlijk logisch vanuit Elio’s perspectief dat alles over Oliver gaat, maar op een gegeven moment vond ik dat saai worden en Oliver vond ik ook niet een aardig personage. De film wist mij meer emotioneel te raken dan het boek, maar de intense leeservaring kan voor anderen ook juist meer emotie opwekken.

Vele hemels boven de zevende – Griet op de Beeck 
Deze roman volgt het leven van vijf verschillende mensen, de 12-jarige tiener Lou, haar moeder Elsie van 42 die een affaire heeft met de kunstenaar Casper van 46, Elsie’s zus Eva van 36 en hun alcoholverslaafde vader Jos van 71. De verhalen en ervaringen lopen door elkaar heen en verkennen onverwacht geluk, grote obstakels en vechten met jezelf. Griet op de Beeck is Vlaams, dus verwacht veel Vlaamse spreektaal zoals ge, gij en uw in het verhaal. Ik vond het een mooie roman om te lezen, maar het maakte niet de hoge verwachtingen die ik van Griet op de Beeck had waar. De personages komen heel echt over, maar sommige verhaallijnen vond ik voorspelbaar worden. Maar goed, er zijn heel veel lovende recensies over haar werk dus misschien was dit gewoon niet het boek voor mij.

The Book of Strange New Things – Michel Faber
Dominee Peter vertrekt naar een andere planeet, waar mensen net bezig zijn om een basis te bouwen, om daar de plaatselijke aliens te bekeren tot het christendom. Lichtjaren van elkaar verwijdert probeert Peter contact te houden met zijn vrouw Bea op aarde, terwijl hij steeds meer bij de bevolking betrokken raakt. Het is vooral een verhaal over vervreemding van jezelf, je omgeving en familie en het gaat niet zozeer om de actie. Hoewel ik moest lachen om het feit dat de aliens zich presenteren als “Jesus Lover 1/2/3/4/5”, had ik meer bijzonders verwacht van de combinatie christendom en aliens. Daarbij vond ik het verhaal snel voorspelbaar worden, bij de enige verhaallijnen die er dan waren kon je vanaf pagina 100 invullen waar het heen zou gaan. Desalniettemin vond ik de schrijfstijl van Michel Faber wel fijn om te lezen en ik ben nu ook wel benieuwd naar de rest van zijn werk.

Advertenties

Ik leer korte verhalen lezen #2

Ik kom eigenlijk het meest in aanraking met korte verhalen door te luisteren naar de podcast Levar Burton Reads, maar zo nu en dan is het ook fijn om een fysieke bundel te lezen. 

Queer – Nienke van Leverink (samengesteld) 
Dit is niet echt een korte verhalenbundel, maar eerder een bloemlezing van prozafragmenten en gedichten gethematiseerd rondom de LHBT+ representatie in de Nederlandse literatuur. Denk aan gedichten van Lieke Marsman en Hans Warren en fragmenten uit het werk van Hanna Bervoets en Doeschka Meijsing. Zoals met alle bloemlezingen vond ik een aantal verhalen erg leuk, maar veel vond ik gewoon oké en niet erg bijzonder. De bundel is niet ingedeeld op bepaalde letters (lesbisch, trans, etc.) of een chronologie en ik begrijp die keuze, maar mijn kennis van Nederlandse literatuur is vrij beperkt en zonder jaartallen vond ik het af en toe lastig om de context van een verhaal in te schatten. Ook vroeg ik me soms af (voornamelijk bij de gedichten) wat deze tekst nu precies queer maakt. Hoewel de bundel evenveel aandacht probeert te besteden aan verschillende aspecten van queerness, is het ook jammer dat vrijwel alle gekozen schrijvers wit zijn. Deze kritiekpunten terzijde, vond ik het leuk om via deze bloemlezing meer inzicht te krijgen in de Nederlandse queer literatuur. Favoriete fragmenten zijn “Wiegeliedje voor wie alles moet” van Lieke Marsman en “Olijfje” van Helga Ruebsamen.

Gifjes – Daan Windhorst
Gifjes is een verzameling satirische verhalen die nog het best omschreven kunnen worden als ideeën voor Black Mirror afleveringen. Vaak hebben de korte verhalen een dystopisch tintje, zoals in “De apocalyps / vertraging,” waar de wereld vergaat en mensen overleven in een verbouwd treinstation. Veel stukken gaan over de rol van technologie, zoals in “Liefde, eigenlijk,” wanneer mensen met medicijnen hun persoonlijkheid kunnen aanpassen . Een van mijn andere favoriete stukken uit de bundel was het kranteninterview met God. Ik vond het leuk om te lezen, maar soms bleven de verhalen iets te oppervlakkig en te kort voor het satirische concept wat ze willen uitwerken. Sommige verhalen voelden echt als een begin of een opzetje voor iets groter dat dan niet kwam, maar misschien vond ik het ook gewoon jammer dat sommige originele ideeën maar twee pagina’s kregen. Toch heb ik genoten van de bundel en is het zeker een aanrader als je wat leuke Nederlandse satire wilt lezen!

Selected Stories of Philip K. Dick – Philip K. Dick
Dit is een verzameling korte sciencefiction verhalen van Philip K. Dick, de schrijver van onder andere Do Androids Dream of Electric Sheep?. Ik heb twee romans van deze schrijver gelezen en die vond ik erg goed, dus ik had hoge verwachtingen van zijn korte verhalen. Helaas viel de bundel behoorlijk tegen, want elk verhaal heeft een vergelijkbaar plot en hoofdpersonage. Een alledaagse man met een irrelevante vrouw/secretaresse/vriendin komt in conflict met aliens/tijdreizen/technologie. Je weet dat er een plottwist komt, de koude oorlog belangrijk is en dat het tragisch eindigt. Natuurlijk zijn sommige verhalen best origineel en leuk om te lezen en ik begrijp dat dit 30 jaar geleden een stuk baanbrekender was dan nu, maar toch was ik teleurgesteld.

Halleluja – Annelies Verbeke
Deze bundel bevat vijftien verhalen over transformaties, een begin van het leven of een nieuw einde. Dat klinkt erg vaag, maar beter kan ik het niet omschrijven. De bundel begint met een verhaal van een huilende baby die huilt omdat hij alwetend is en dus op de hoogte is van al het verdriet en leed dat hij nog mee zal gaan maken. Maar het gaat bijvoorbeeld ook over een koppel dat prehistorisch in de wildernis wil leven en een auteur die op een ochtend wakker wordt als een beer. Af en toe is het vrij komisch, maar een melancholische stemming heeft vaker de overhand. Het is een leuke bundel om te lezen, maar ik was helaas niet omver geblazen door de verhalen.

Het werk van Margaret Atwood

Ik ben groot fan van de schrijfster Margaret Atwood, die je wellicht kent van The Handmaid’s Tale. Dat is zeker een leuke roman, maar lang niet het enige interessante werk uit haar oeuvre. Ik heb nog niet al haar boeken gelezen, maar genoeg om je een beetje kennis te laten maken met haar fictiewerk. 

Margaret Atwood is in 1939 geboren in Canada en is bekend als schrijfster, feministe, literair criticus en dichteres. Ondertussen heeft ze meer dan 15 romans en 10 korte verhalenbundels geschreven, nog niet eens haar vele dichtbundels en non-fictie werk meegerekend. In andere woorden, er is genoeg om te lezen. Margaret Atwood is een van mijn favoriete auteurs omdat haar schrijfstijl heel fijn is, je wordt echt meegesleept in elk verhaal. Haar scherpheid, gebruik van andere teksten zoals sprookjes en mythes, gevoel voor humor en karakterisering van sterke vrouwelijke personages maken haar boeken voor mij interessant om te lezen, maar ook om te analyseren voor mijn studie.

Speculatieve fictie 
Atwood noemt een deel van haar romans geen sciencefiction, maar speculatieve fictie. Sciencefiction bevat aliens en ruimteschepen, maar speculatieve fictie kan makkelijker “echt” gebeuren. Haar bekendste werk in dit genre is natuurlijk The Handmaid’s Tale, maar ze heeft ook een driedelige serie (de MaddAddam trilogie) geschreven over een toekomst waarin de wereld langzaam vergaat. Thema’s zoals genetische manipulatie en klimaatbedreiging spelen een grote rol in deze trilogie. Zelf ben ik een groot fan van dit genre en de MaddAddam boeken zijn dan ook echt een aanrader om te lezen! Een van haar meer recentere werken, The Heart Goes Last, speelt zich af in een dystopische toekomst waarin een koppel besluit om zichzelf vrijwillig zoveel maanden te laten opsluiten in een gevangenis. Ik vond deze roman vooral heel bizar, denk aan seksrobots en “imprinting” van eerste liefdes (ja, zoals in Twilight).

Realistische fictie en korte verhalen
Mocht je niet houden van dystopische verhalen, dan zijn er nog een heleboel andere romans om te lezen. Mijn favoriete roman is The Blind Assassin, een raamvertelling van een oude vrouw die terugblikt op haar leven met haar jongere zusje die op haar 18e zelfmoord heeft gepleegd, maar niet voordat ze de roman The Blind Assassin heeft geschreven. Nu moet ik eerlijk bekennen dat ik dit boek niet zo goed opnieuw durf te lezen omdat ik het de eerste keer zo ontzettend geweldig vond, maar het is echt een verhaal dat je raakt. Zeker een aanrader dus! Ook erg mooi is Alias Grace, een historische roman over de jonge Grace die vanuit de gevangenis aan een dokter haar verhaal verteld over hoe ze (onterecht?) werd veroordeeld voor de moord op haar werkgever en zijn minnares. The Robber Bride en Lady Oracle waren ook erg leuk om te lezen. Naast romans heeft Atwood ook een flink aantal korte verhalenbundels geschreven, zoals de meest recente Stone Mattress: Nine Tales. Erg interessant en fijn om te lezen, maar zelf ben ik toch meer een fan van haar langere romans. Hetzelfde geldt voor haar poëzie, het is zeker de moeite waard, maar haar prozawerk weet mij toch meer te raken.

Mythes en stripverhalen
Een van mijn andere favorieten is Atwood’s herschrijving van de mythe van Odysseus in de novelle The Penelopiad. Dit is het verhaal van Penelopiad, de vrouw van Odysseus die tien jaar lang wacht tot haar man terugkomt. Ik hou van alles wat met mythes te maken heeft, dus ik heb dit verhaal met erg veel plezier gelezen. Dan zou je misschien denken, is er iets wat Margaret Atwood niet kan? De afgelopen maanden ben ik bezig geweest met haar nieuwste werk, een serie stripverhalen over half dieren/mensen/superhelden, te onderzoeken voor mijn scriptie. Ik zal heel eerlijk zijn – begin er maar niet aan, want ik vond het behoorlijk slecht. De humor was zo ontzettend flauw, het plot stelde na het eerste deel van de serie echt niets meer voor en het was ontzettend saai. Op het gebied van de representatie van dieren (het onderwerp van mijn scriptie) was het heel interessant, maar voor leesplezier raad ik het je niet aan.

Bij mijn studie leer je kritisch over auteurs en teksten na te denken, dus daarom is het ook belangrijk om even Margaret Atwood te problematiseren. Er is nogal kritiek geweest op haar uitlatingen over beschuldigingen van seksuele misbruik binnen schrijverskringen en hoe haar feminisme alles behalve inclusief is. Als hierover meer wilt weten, dit artikel over Atwood’s uitspraken rondom #metoo en dit artikel over wit feminisme zijn interessant om te lezen.

Ik hou van lezen #36

Even een korte disclaimer over deze reviews – de eerste twee boeken heb ik gelezen tijdens het schrijven van mijn scriptie. Achteraf gezien was dat misschien niet zo handig, want ik heb gemerkt dat ik in die tijd erg snel geïrriteerd was door alles wat ook maar stom of problematisch zou kunnen zijn. Waarschijnlijk zijn mijn lezingen van de eerste boeken daarom iets negatiever dan normaal. 

Zeik niet zo – Anouk Kemper, Lianne Marije Sanders en Suzette Hermsen 
In de media bestaat het beeld van millennials als een groep verwende jongvolwassenen die niet kunnen omgaan met tegenslagen, alles van papa en mama krijgen en graag zichzelf gaan ontdekken in Azië. Journalisten Anouk, Suzette en Lianne proberen in deze bundel columns een beeld te schetsen van het realistische, normale en saaie leven van de millennial. Het is lekker luchtig geschreven en sommige dingen waren wel herkenbaar, maar over het algemeen vond ik dit boek, ondanks de titel, toch erg veel gezeik. Op een gegeven moment vallen de wijze levenslessen in herhaling en de meeste “leuke” grapjes vond ik vooral irritant en niet echt grappig. Misschien is dit een lekker luchtig boek voor op vakantie, maar ik was er niet van onder de indruk.

Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken – Arjen van Veelen
Een jonge schrijver reist naar Alexandrië om de boeken van zijn overleden beste vriend Thomas in de grote bibliotheek te zetten. Tijdens zijn tochten door de stad denkt hij terug aan hoe de vriendschap met Thomas verlopen is en hoe het zijn leven heeft beïnvloed.  Ik vond het een mooie roman over verlies en rouw en bij vlagen moest ik ook lachen om het verhaal (bijvoorbeeld wanneer de hoofdpersoon een doktersverklaring probeert te krijgen door te doen alsof hij mentale steun van zijn huisdier nodigt heeft om zo zijn kat mee te nemen in het vliegtuig naar Amerika). Tegelijkertijd zat ik me te ergeren aan het karakter van Thomas, vooral zijn houding van “zie mij elitair slim en onbegrepen poëtisch zijn” in de eerste hoofdstukken vond ik irritant. Dat neemt gelukkig wel af gedurende de roman, maar het stoorde me af en toe.

Kolja – Arthur Japin
Pjotr Tsjaikovski is een van mijn favoriete componisten, dus deze Arthur Japin roman over zijn leven en zijn familie kon ik dan ook niet laten liggen. Het boek gaat over Pjotr, zijn broer Modest en de doofstomme jongen Kolja waar ze zich over ontfermen. De observaties van Modest over de opvoeding van Kolja in het verleden worden afgewisseld met hoe Kolja in het heden de plotselinge dood van Pjotr probeert te ontrafelen. Ik wist bijna niets over het leven van Tsjaikovski en heb met veel plezier deze roman gelezen. De afwisseling van verhaallijnen sluit erg goed bij elkaar aan en het is fijn geschreven, zeker een aanrader om te lezen als je zin hebt in een historische roman.

Concept M – Aafke Romeijn 
In Concept M bestaat de bevolking van Nederland voor een deel uit kleurlozen, mensen geboren met een mysterieuze ziekte die broze botten, grijze haren en andere fysieke problemen veroorzaakt. Door de dure medicatie en de maatschappelijke aanpassingen voor de kleurlozen wordt de economie en de samenleving steeds meer ontwricht. In de roman volg je hoe de jonge kleurloze Hava zich aansluit bij een radicale groep die kleurloosheid wil stoppen. Het is een actuele roman die ook voor een groot deel gaat over politiek en de rechten van minderheden. Ik vond het erg interessant om te lezen, vooral de manier waarop politiek samenkomt met Hava’s radicalisering en de debatten over de kleurlozen. Tegelijkertijd is het jammer dat Hava de enige kleurloze is in het boek en we enkel haar beperkte perspectief krijgen op kleurloosheid. Zoals in deze review genoemd wordt, hebben kleurlozen een eigen gemeenschap, een eigen cultuur? Je komt niet veel hierover te weten. Maar misschien komt dit naar voren in een vervolg, waar ik zeker op hoop. In ieder geval is dit boek een enorme aanrader! En nog een extra tip, de roman is helemaal gratis te beluisteren op Spotify.

De sciencefictionwereld van Octavia Butler

Ik had al veel goede dingen gehoord over Octavia Butler’s sciencefiction boeken, maar het luisteren van een van haar korte verhalen in de podcast Levar Burton Reads was het laatste zetje dat ik nodig had om daadwerkelijk haar boeken te gaan lezen. Omdat ik niet aan half werk doe wat betreft literatuur, besloot ik daarom de vele pagina’s tellende verzamelroman Lilith’s Brood te lezen, een van haar bekendste sciencefiction trilogieën. 

Lilith’s Brood, ook wel de Xenogenesistrilogie genoemd, bundelt de romans Dawn (1987), Adulthood Rites (1988) en Imago (1989). In de eerste roman volg je hoe Lilith Iyapo na honderden jaren slaap ontwaakt als gevangene van de buitenaardse Oankali. De mensheid heeft zichzelf en de Aarde door oorlog bijna compleet vernietigd en de Oankali, gedreven door een verlangen om anderen te genezen, hebben enkele overlevenden van de Aarde gered en de planeet hersteld. Naast het instinct om anderen te genezen, hebben de Oankali als doel om zichzelf genetisch te vermengen met andere soorten. Daarom kunnen de geredde mensen zichzelf alleen voortplanten met de Oankali en zal de Aarde nooit meer compleet “menselijk” zijn. Lilith wordt als eerste wakker gemaakt door de Oankali om de overige mensen op deze taak voor te bereiden, terwijl ze zelf ook worstelt met verzet tegen het ingrijpen van de Oankali. Als lezer begrijp je heel goed Lilith’s woede wanneer ze telkens tegen het onbegrip van Oankali stuit om de mensheid met rust te laten. In de tweede en derde roman is Lilith niet meer het hoofdpersonage, maar volg je de relaties tussen de Oankali en de mensen vanuit andere personages en krijg je zo een diverser beeld van de aliens en hun bedoelingen.

Ik vond de boeken erg leuk om te lezen omdat Butler een complexe wereld opbouwt en de Oankali als interessante aliens weet neer te zetten die ook inzicht geven in de mensheid. Volgens de Oankali lijden mensen aan een fatale genetische fout, namelijk dat ze intelligent en hiërarchisch zijn. Hierdoor kwam de oorlog tot stand die de mensheid bijna geheel uitroeiden en dat zal weer opnieuw gebeuren, tenzij de Oankali via genetische aanpassingen en nieuwe generaties deze fout uit het menselijk DNA weten te krijgen. Ook zijn de Oankali zo geïnteresseerd in de mensheid vanwege mutaties in het DNA door kankercellen. De ziekte is voor de aliens juist een van de meest fascinerende kenmerken van de mensheid. Een ander interessant thema is Butler’s gebruik van erotiek en het lichaam. Uiteindelijk weten de Oankali mensen deels te overtuigen om zich met hen voort te planten  via hun gave om met mentale verbindingen seksuele prikkels te stimuleren. Als een mens zich bindt aan de Oankali leidt dat tot een soort verslaving, mensen kunnen vervolgens nooit meer andere mensen fysiek aanraken of “normale” seks hebben, het kan alleen maar via de aliens. Dat roept allerlei vragen op over het toe-eigenen van je eigen lichaam en zeggenschap daarover (of beter gezegd, het complete gebrek daar aan). Bovendien speelt de trilogie ook duidelijk in op thema’s van ras en kolonialisme.

De complexiteit van de wereld en de Oankali zijn ontzettend interessant, maar op een gegeven moment vond ik het plot in de serie te traag. De Oankali zijn leuke personages, maar soms miste ik wat meer van de actie die in het eerste boek plaatsvond. Ook vond ik de overgang in tijd af en toe wel erg abrupt en onduidelijk. Toch raad ik zeker aan om op zijn minst de eerste roman te lezen (en als je iets zoekt om de zomer mee door te komen, de rest ook), want ik begrijp heel goed waarom Octavia Butler’s sciencefictionromans als klassiekers worden beschouwd.