MIXTAPE: Citrus

Een verzameling van nummers die ik de afgelopen tijd veel geluisterd heb. 

Instrumental – dodie
Citrus – Holly Henry
From The Dining Table – Harry Styles
Grand Hotel – Regina Spektor
Broken Hearts/Bones – Parlour Tricks
Planetarium – Justin Hurwitz
In The Grey – The Good Mad
Liability – Lorde
I Remember – Saint Saviour
Led to the Sea – Jenny Owen Youngs
April – Dancing Years
Godmanchester Chinese Bridge – The Howl & The Hum
In The Middle – dodie
You Belong To Me – Cat Pierce

Klik hier om te luisteren op Spotify 

Advertenties

Ik hou van lezen #29

“Wherever they might be they always remember that the past was a lie, that memory has no return, that every spring gone by could never be recovered, and that the wildest and most tenacious love was an ephemeral truth in the end.”  – Gabriel García Márquez

One Hundred Years of Solitude – Gabriel García Márquez
In deze roman volg je de familiegeschiedenis van José Arcadio Buendía en hoe zijn nakomelingen verbonden zijn met de stad Macondo. Het is een verhaal met magisch realistische gebeurtenissen, zo lijdt de hele stad plots aan een mysterieuze slaapziekte waardoor mensen hun geheugen verliezen en stijgen kinderen op naar de hemel. Ook al is het een roman met meer dan 400 pagina’s, de interessante familiegeschiedenis is neergezet als één vloeiende vertelling. Het is dus zeker een aanrader om te lezen en als je dat gedaan hebt, zijn deze video’s van Crash Course Literature ook erg interessant om thema’s uit het boek beter te begrijpen.

Weerwater – Renate Dorrestein 
Persoonlijk ligt mijn lat voor wat ik een goede Nederlandse dystopie vind vrij laag, omdat ik Nederlandse romans met dit onderwerp vaak saai of slecht geschreven vind. Daarom heeft Weerwater me ook heel erg verrast. In deze roman vergaat de wereld en van alle plekken in Nederland, blijft Almere in chaos en wanhoop bestaan – wat ik een erg originele kijk op de apocalyps vind. Probeer maar eens een samenleving draaiende te houden als er geen stroom is, bijna alleen maar vrouwen overblijven en stel gevangenen uitbreken. Bovendien zitten er Slaughterhouse-Five grapjes in het boek en ja, dat is ook gewoon erg leuk. Het is geen verhaal over een apocalyps met pure terror, zombies of andere extreme gebeurtenissen, maar de omgang van zaken in de roman steekt gewoon erg interessant en origineel in elkaar.

De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren – Haruki Murakami
Tijdens zijn studententijd wordt Tsukuru Tazaki van de een op de andere dag verstoten door zijn beste vrienden, die opeens niets meer met hem te maken willen hebben. Tazaki gaat door met zijn dagelijkse handelingen, maar zijn leven blijft leeg en hol. Jaren later spoort een vriendin hem aan om de oude vrienden op te zoeken en de gebeurtenissen te verwerken. De roman leest fijn, maar als je al een aantal boeken van Murakami kent en weet wat zijn formule is, dan is dit toch wel een middelmatig boek. Murakami heeft er namelijk wel een handje van om veel “mysteries” op dezelfde manier te laten eindigen en op een gegeven moment wordt dat saai. Voor mij werkte de roman dus niet, maar als je de schrijfstijl van Murakami echt heel erg kan waarderen, is het misschien leuker om te lezen.

More Than This – Patrick Ness
Misschien zal deze review enigszins vaag zijn, maar dit is een van de beste Young Adult (sciencefiction) boeken die ik in lange tijd heb gelezen. De eerste pagina’s beschrijven hoe Seth, een zeventienjarige jongen in Amerika, tijdens de winter verdrinkt in de oceaan. De zee gooit hem tegen de rotsen, zijn schedel breekt in duizend stukjes en toch wordt hij gedesoriënteerd wakker in een apocalyptische en verlaten woonwijk in Engeland. Is dit zijn persoonlijke hel? Waar is de rest van de mensheid? Ik durf niet meer te zeggen zonder spoilers, maar langzaam kom je er achter waarom Seth stierf en waar hij zich nu bevindt. Het boek heeft een fijne balans tussen YA en sciencefiction, het is origineel en het maakt je ook enigszins verdrietig. Zeker een aanrader om te lezen!

Voor altijd voor het laatst – Tjitske Jansen
Ik vind het werk van dichteres Tjitske Jansen altijd erg leuk om te lezen, dus zonder te weten wat het was, had ik deze titel gereserveerd bij de bibliotheek. Voor altijd voor het laatst is een kort prozawerk waarin Jansen haar leven beschrijft vanaf haar kindertijd. Het zijn allemaal korte momenten en anekdotes, soms grappig, soms verdrietig en nostalgisch. Ik vond het leuk om te lezen, maar niet uitzonderlijk bijzonder of geweldig. Waarschijnlijk ligt dat ook aan het feit dat ik niet zo snel persoonlijke verhalen of biografieën lees, want ik vind het vaak niet interessant. Dus ja, dit was gewoon niet het boek voor mij, maar als je meer over Tjitske Jansen wilt weten, dan is het wel een aanrader.

Rome: Tiramisu en klimmen op ruïnes

Ik volgde twee weken lang zomerschool in Rome, met als thema de “wereldstad” en hoe de geschiedenis van Rome terug te zien is in erfgoed en monumenten. In andere woorden, ik ben in twee weken tijd nog nooit in zoveel kerken en historische gebouwen geweest.

Goed, het waren niet alleen maar kerken, maar wel veel. Zo bezochten we de grote Sint-Jan van Lateranen , een van de oudste kerkgebouwen in de stad. Ook de Santa Maria Maggiore is als een van de vier pauselijke basilieken een bezoek waard. De San Luigi dei Francesi is een kleinere kerk en veel mensen gaan hier heen voor de drie schilderijen van de kunstschilder Caravaggio die in de kerk hangen (ik had nog nooit van deze schilder gehoord, maar binnen kunstgeschiedenis is hij blijkbaar Erg Bekend). Mocht je geen zin hebben in de toeristendrukte in deze kerken, dan is de Sant’Agata dei Goti een stuk rustiger. Een van mijn favoriete kerken was de Santo Stefano Rotondo, omdat de kerk zo anders is dan andere kerken. De kerk is helemaal rond en aan de muur hangen 34 schilderijen die de gruwelijk dood van martelaren afbeelden. Ook al zijn dit schilderijen uit de 16e eeuw, ze zijn redelijk bloederig. Denk aan mensen die gevoerd worden aan leeuwen, een vrouw die wordt opengeharkt en veel kruisingen. Er worden hier ook bruiloften gehouden, mocht je nog een kerk met een horrortintje zoeken.

Ik ben niet zo van foto’s maken in kerken, dus vandaar een foto van een ruïne. 

Een van mijn favoriete excursies was het bezoek aan de San Clemente basiliek. Nu is de kerk erg mooi, maar wat het gebouw zo bijzonder maakt, is het ondergrondse doolhof van gebouwen waar de kerk op gebouwd is. Je daalt minstens vier meter af en daar zijn onder andere de ruïnes van een badhuis, een eerdere kerk en een mithrastempel te vinden. Het is heel gaaf om ondergronds de verschillende lagen van Rome te zien. De docent vertelde dat er werkelijk waar onder elk gebouw in Rome wel iets verstopt zit, wat leidt tot frustratie bij de plaatselijke bevolking omdat je niets kan bouwen (zoals een metrolijn) zonder op iets te stuiten. Als je nog meer ondergrondse gebouwen wilt zien, Case Romane del Celio is een ondergrondse villa waar veel fresco’s nog bewaard zijn gebleven.

Ook een tip als je in Rome bent – zorg voor een studentenkaart waar duidelijk op staat wat je studeert, want soms zijn ze streng in het controleren of je student bent met de juiste “kunstige” opleiding om gratis musea in te mogen. 

Nu vind ik ruïnes, klassieke gebouwen en kerken erg interessant, maar op een gegeven moment was ik ook toe aan compleet iets anders zoals het museum voor moderne kunst. Ik vond het een prachtige collectie, met veel Italiaanse schilderijen (zoals werk van Giorgio de Chirico). Er zijn ook standbeelden, installaties, kunstige spiegels en werk van internationale schilders zoals Van Gogh en Monet. Nu vond ik het wel jammer dat de informatie naast de werken zo minimaal was dat alleen de maker en naam van het werk in het Italiaans werden genoemd. Ook was er in het hele museum geen enkel bankje te vinden, waardoor je niet rustig kon gaan zitten om naar de kunst te kijken. Desondanks is het zeker een aanrader om te bezoeken! Verder moest ik natuurlijk als literatuurstudent het Keats-Shelley Memorial House bezoeken, een museum gebouwd in het appartement waar de romantische dichter Keats verbleef toen hij in Rome overleed. Het is klein, maar het is een van de grootste verzamelingen van persoonlijke spullen van Keats. Zo hebben ze veel originele brieven en manuscripten in de collectie en het is allemaal erg interessant om te zien.

Ronddwalen in de Open Door Bookshop. 

Natuurlijk kon ik niet Rome verlaten zonder een boek gekocht te hebben. In de buurt van het Vaticaan zijn twee Engelstalige boekenwinkels die echt aan te raden zijn om te bezoeken. Open Door Bookshop is een tweedehandsboekenwinkel met veel fictie, maar ook een goede verzameling boeken over theater en muziek. Almost Corner Bookshop is een normale winkel, met een uitgebreide en gevarieerde collectie fictie. Er is ook een kast met vertaalde Italiaanse schrijvers en boeken over Rome en hier kocht ik daarom ook Italian Folktales van de Italiaanse schrijver Calvino. Verder bezocht ik ook Libri Necessari, een kleine tweedehandsboekenwinkel. Volgens de website waar ik de winkel gevonden had, zouden ze ook Engels moeten verkopen, maar ik heb welgeteld één boekje in het Engels gevonden. Ik vond het dus tegenvallen, maar als je er toevallig langskomt is het misschien wel leuk om even binnen te stappen.

Het Pantheon met een absurde hoeveelheid toeristen. 

In Rome was het elke dag gemiddeld 34 graden, dus ik heb aardig wat ijsjes gegeten. Bij het Pantheon zit een ijswinkel met 150 smaken, dus genoeg om iets uit te kiezen. Maar het lekkerste ijsje heb ik toch wel gegeten bij Fata Morgana Gelato. Hier verkopen ze ook vegan, glutenvrij en notenvrij ijs, dus iedereen zit hier goed. Bijzondere smaken en erg lekker ijs, zeker een aanrader! Naast ijs heb ik ook veel tiramisu gegeten, onder andere bij de beste tiramisuwinkel in Rome. Hier kreeg je voor 4 euro een doos(je) tiramisu, wat ze ook verkopen in verschillende smaken. Het was eigenlijk net iets teveel in mijn eentje op te eten, maar zo ontzettend lekker.

Een foto van de lange wandeling over de Via Appia. 

Als je de tijd over hebt, is het ook leuk om de omgeving van Rome te verkennen. Een van de excursies die ik ook erg leuk vond, was het bezoek aan de Via Appia, de oudste weg van Rome. Hier liggen overal ruïnes en opgravingen, zoals de Villa dei Quintili. Het leuke is dat de omgeving nauwelijks is afgezet, waardoor je overal kan lopen. Hetzelfde geldt in Ostia, een oude havenstad buiten Rome. Je moet even met het openbaar vervoer reizen, maar met de trein is Ostia prima te bereiken. Hier zijn enorm veel ruïnes bewaard en kun je letterlijk op alles klimmen en zitten. En nog beter, vanuit Ostia is het 10 minuten met de trein naar de kust van Italië. Zo heb ik om 8 uur ’s avonds met mijn kleren aan (totaal niet aan gedacht om een bikini mee te nemen naar Rome) in de zee gezwommen en het was echt geweldig. Geen zin in ruïnes maar toch de stad uit? Grottaferrata is een kleine plek net buiten Rome, waar we het byzantijnse klooster en de kerk van Santa Maria di Grottaferrata bezochten.

Nog meer stenen in Ostia. 

Een van de leuke feitjes die ik geleerd heb tijdens de zomerschool: Een van de oudste stukken steen van heel Rome bevindt zich in de McDonalds in het ondergrondse winkelcentrum van station Termini, het grootste en drukste station van de stad. Deze restanten steen zijn onderdeel van de muur van Servius Tullius, een verdedigingsmuur uit de 4e eeuw voor Christus. En ja, daar sta je dan met een groep van 20 studenten en een docent tussen de tafeltjes terwijl om je heen mensen hamburgers en frietjes zitten te eten. Bizar, maar ook wel grappig om mee te maken.

Natuurlijk zijn er ook andere grote en mooie dingen om te zien in Rome zoals het Vaticaan, Pantheon en verschillende thermen. Als er wel iets is wat ik geleerd heb tijdens deze twee weken, is dat je nog ongeveer 300 bezoekjes aan Rome nodig hebt om alle mooie dingen te bezoeken. 

16.08.2017

Aangezien ik al een tijd geen stukje meer over mezelf heb geschreven, hier een korte samenvatting van de afgelopen maanden: lichtelijk overwerkt door de studie, een paar dagen Boedapest, zomerschool in Italië en een maand niets doen. In die tijd las ik een hoop boeken, werkte ik een dagje op de Parade in Utrecht, bezocht twee boekenmarkten en begon met het kijken van Star Trek: Deep Space Nine. Een sportief hoogtepunt was toch wel kanoën met familie in Zutphen. Die stad blijkt verrassend veel water en lage grachten te hebben. We moesten onder een tunnel door peddelen die zo donker en smal was dat je echt niets zag en met je handen de muren aan de zijkanten kon aanraken vanuit de kano. Een uitdaging, maar iedereen heeft de toch overleefd.

Een hagelslagavontuur: Iedereen die mij een beetje kent, weet dat mijn ontbijt en lunch al-tijd een boterham met hagelslag is. Laatst kwam ik er via twitter achter dat de Albert Heijn nu hagelslag met verschillende smaakjes in hun assortiment heeft en voor de variatie in mijn eetpatroon was ik wel benieuwd naar hoe die zouden smaken. Ik kocht pure hagelslag met zeezout, maar je hebt ook hagelslag met sinaasappelsmaak en appel-kaneelsmaak. De zeezoutvariant is wel oké, maar niet heel bijzonder. Ik vermoed dat het op ijs lekkerder is, maar dat heb ik nog niet uitgeprobeerd.

Een kort gedichtje: “My mouth is a fire escape / The words coming out / don’t care that they are naked. / There is something burning in there” – Andrea Gibson

Kijken meer mensen hier Once Upon A Time? Ik was ooit begonnen aan de serie, liet het toen een paar jaar liggen en het afgelopen half jaar heb ik alle seizoenen in gehaald. Het is geen serie waar je lang over na moet denken, het plot rammelt aan alle kanten, maar ik vind het erg vermakelijk en leuk om te kijken. Mocht je ooit gestopt zijn met de serie omdat alles na zoveel seizoenen erg op elkaar begint te lijken, dan begrijp ik dat helemaal. Maar de musical aflevering is echt ge-wel-dig om te kijken, zelfs als je gestopt bent. Alle personages barsten in zingen uit en de liedjes doen mij denken aan Disneyfilms. Wat mij betreft mogen ze bij elke serie wel een musical aflevering doen!

Tijd voor muziek: De nieuwe albums van Paramore, Halsey en Imagine Dragons zijn ondertussen al wat minder nieuw, maar ik had pas in de vakantie tijd om er goed naar te luisteren. Mijn oordeel over al deze muziek is ongeveer hetzelfde: het is oké. Elk album heeft een stuk of drie nummers die ik echt blijf luisteren, maar de rest vind ik gewoon redelijk, oké. Zowel Halsey en Imagine Dragons hebben steeds meer “beat” in hun nummers, wat niet echt mijn ding is. Leukste nummers zijn Strangers en Heaven In Hiding van Halsey, Whatever It Takes en Mouth Of The River van Imagine Dragons, Hard Times en Rose-Colored Boy van Paramore.

The Shape of Water: Ik vind de films van Guillermo del Toro altijd een beetje creepy door de enge wezens, maar deze film over de band tussen een onderwaterwezen en een schoonmaakster in een laboratorium ziet er wel erg gaaf uit.

De leukste eetplekjes in Boedapest

Je kan mooie dingen zien in Boedapest, maar het is ook een stad met heel veel lekker eten. In Hongarije is het eten relatief goedkoper dan in Nederland, waardoor we tijdens onze trip alleen maar buiten de deur hebben gegeten. 

Eerst even wat algemene tips over eten in Boedapest. Je kan lang niet overal met pin betalen, sommige grote restaurants en winkels accepteren alleen contant. Nu zit er op elke straathoek wel een pinautomaat, maar het is toch handig om genoeg Hongaarse Forinten bij je te hebben. Verder is reserveren voor avondeten slim om te doen, vooral bij kleinere restaurants. Ons appartement bevond zich in het hartje van de joodse wijk en was omringd door veel restaurants, dus eetgelegenheden waren voor ons nooit ver weg. De joodse wijk bleek ook het centrum te zijn van hipstertentjes. Ik heb nog nooit zoveel koffieplekken gezien waar een fiets aan de muur hing. Dit waren vaak de plekken waar we ’s ochtends gingen ontbijten, zoals bij Madal café, Solinfo Café en Amber’s French Bakery. Dit zijn vergelijkbare cafés voor een croissantje, koffie en taart. 9Bar vond ik het gezelligst van allemaal, al zijn ze wel relatief klein, dus dat is handig om te weten. Voor een Amerikaans ontbijt gingen we naar A la Maison, een ontbijtbar met veel soorten pannenkoeken en lekkere wentelteefjes.

“Super healthy hipster breakfast”

Nu heb ik nog zoveel fietsen aan muren gezien, niets topt Szimply. Het is een klein tentje in een zijstraat, maar al je hipstergerechten kun je hier vinden. Smoothiebowls, wentelteefjes met biologisch fruit, acai bowls. Aan de overkant van Szimply zit hetzelfde idee maar dan met koffie. Mocht je je smoothiebowl missen op vakantie, dan kun je hier heen.

Tekenen is niet mijn sterkste kant zoals je kan zien aan het gekras aan de rechterkant van het papier. 

Voor avondeten is restaurant M. zeker aan te raden. Het is een klein restaurant waar het menu wekelijks wisselt, met veel Hongaarse gerechten (voor vegetariërs is het misschien goed om van te voren even langs te gaan voor het menu, want er staat wel geteld één vegetarisch gerecht op de kaart). Ze hebben erg lekker eten en het beste van allemaal: de tafels zijn bekleed met papier en je krijgt een aantal potloden, dus je kunt de hele avond tekenen op de tafel. Dit concept mogen ze wat mij betreft bij elk restaurant in Nederland invoeren. Ook hebben we Hongaars gegeten bij Koleves Vendéglo, een leuk restaurant met relatief veel vegetarische opties. Ik had een vegetarische gratin met rode bietjes, linzen en kaas en het was erg lekker. Zeker een aanrader om heen te gaan! Als je totaal geen zin hebt in Hongaars, het fancy Italiaans restaurant Pomo D’Oro is ook erg lekker. De vegaopties zijn niet heel uitgebreid, maar er is genoeg lekkers. Zo hadden wij ravioli, pizza met gegrilde groentes en heerlijke tiramisu.

De Humus bar mag ook naar Nederland komen, dit zou zo’n uitkomst zijn op het centraal station als je snel iets vegetarisch moet halen. 

In Boedapest zijn veel verschillende locaties van de Humus bar. Dit is een bar waar je broodjes falafel kan halen, maar ook simpel kan lunchen of avondeten, als het maar met hummus te maken heeft. Limonade is trouwens ook een ding in Hongarije – bij elk restaurant, bar of tentje, kun je enorme glazen limonade in verschillende smaken bestellen en dat is zeker een aanrader om te doen.
Mijn laatste tip is het proberen van de Hongaarse specialiteit Kürtoskalács, schoorsteenkoek in het Nederlands. Het is een sliert deeg gewikkeld om een kegel die dan al draaiend wordt verwarmd boven het vuur – oftewel, een kampvuurbroodje. Je vindt het vaak met suiker in verschillende smaken zoals kaneel, kokos of chocolade, en het is erg lekker.

Aan de hand van deze lijst kun je dus wel stellen dat je erg lekker kan eten in Boedapest. Maar alle eer van deze blog gaat naar de vriendin die zo’n beetje het hele internet op zijn kop heeft gezet om deze plekken te vinden!